Welkom bij Buurtkoraal

 

Oplossingen bedenken, voor diverse vraagstukken, die net een tikkeltje anders zijn dan we gewend zijn. Dat is wat ik doe!
Antwoorden op mijn vragen haal ik “op straat”. Daar gebeurt het!
Er is steeds meer vraag naar gedetailleerde informatie uit buurten om te komen tot een goede oplossing. Of het nu om fysieke of sociale vraagstukken gaat, ik zoek met veel plezier naar antwoorden en oplossingen.
Ik help ook om mensen binnen organisaties kennis te laten maken met deze manier van werken.
Ik ben in staat om binnen mijn brede netwerk de meest bijzondere samenwerkingen tot stand te brengen.
Nieuwsgierig?  neem gerust even contact met mij op!
Op deze site geef ik u graag een inkijkje in mijn denken en handelen.

Columns



Mag de vluchteling van nu straks uw buurman worden

Nederland is in beroering. Er bewegen groepen vluchtelingen van Bijbelse proporties die proberen om, onder andere, in Nederland een veilig bestaan op te bouwen. Iets wat in eigen land niet zeker is hopen ze hier te vinden.

De landelijke politiek lijkt in paniek te reageren op dit gegeven door allerlei barricades op te werpen voor deze groep mensen. Hopen dat ze maar niet te snel in Nederland opgevangen te hoeven te worden. Hoopt de landelijke politiek hiermee tijd te kopen? Het systeem ratelt en kraakt…

Onder de ‘Nederlandse’ bevolking heerst een steeds grotere verdeeldheid. Die lijkt verlammend te werken op de overheid, die geacht wordt met oplossingen te komen.

In Apeldoorn werden vluchtelingen onthaald met knuffels en welkkomstmaaltijden. Ik kan mij zo voorstellen dat dit voor iemand die een lange reis achter de rug heeft een fijn gevoel geeft. Maar ‘s avonds moet hij gewoon naar de sporthal waar hij tijdelijk opgevangen wordt om daar zijn verdere procedure af te wachten.

Ik spreek tijdens mijn werk in wijken (voornamelijk wijken met veel goedkope huurwoningen) in toenemende mate mensen die zich zorgen maken over de toekomst van hun buurt. Hun buurt waar straks die in Apeldoorn geknuffelde vluchteling komt te wonen. In deze buurten wordt met argusogen gekeken naar wat komen gaat. En ik denk dat dat gevoel niet onterecht is. Hun geluid is hard en soms ongenuanceerd. Het komt op mij over als een noodkreet.

Het ‘systeem’ is op haar manier druk bezig om allerlei oplossingen te bedenken om de groep vluchtelingen die in ons land aankomen op te vangen. Er wordt druk heen en weer geschoven met verantwoordelijkheden. Er moet snel huisvesting afgedwongen worden om mensen een dak boven hun hoofd te geven! De integratie van deze groep mag niet mislukken! Moeten er banen worden gecreëerd om mensen en zinnige invulling aan hun leven te geven? Allemaal ambities en vragen die vanachter vele bureaus bedachte oplossingen moeten krijgen. Er worden vele vergaderingen belegd om verantwoordelijk-heden zo ver mogelijk door te schuiven. Niet omdat men dat zo graag wil maar omdat dit de manier is waarop het systeem werkt.
Hier schuilt wat mij betreft de kern van een probleem. Het probleem dat het systeem alternatieve oplossingen negeert. Hoe gaan hun oplossingen straks uitpakken in de wijken die de vluchtelingen op gaan nemen. Gaan deze wijken de mensen wel echt opnemen?
Ervaren vluchtelingen en migranten weten dat dit “opgenomen worden in de samenleving” niet geheel vlekkeloos verloopt.

Om terug te komen op de dansende meute in Apeldoorn, ik kan mij voorstellen dat de knuffels en de welkomstmaaltijden, op een enkeling na, uit de hoek van de hogere middenklasse komt. Een mooi gebaar en iets wat de mensen die, voor wat dan ook op de vlucht zijn, welkome aandacht is. Maar wat ik mij afvraag is of er door deze groep met evenveel liefde en aandacht gewerkt wordt aan het verblijf van de vluchteling op de lange termijn. In hun woonwijken.

Die vluchteling gaat eerst een lange periode van onzekerheid in. Mogen ze wel of niet blijven in Nederland. Mogen ze wel of niet werken in Nederland. En waar mogen ze straks definitief wonen in Nederland. Allemaal vragen die voor de vluchtelingen onduidelijk zijn maar voor Nederland ook. Die onduidelijkheid maakt gevoelens los. Gevoelens waar zeer divers over gedacht wordt.

‘Ervaren’ vluchtelingen beschrijven die onduidelijkheid al hels. Ik spreek mensen die hun eigen leven als afgelopen beschouwen! Zij hopen dat hun kinderen het beter zullen krijgen dan zij. Dan is hun vlucht in ieder geval niet voor niets geweest.

Ik zie in mijn dagelijkse werk steeds meer onrust ontstaan in de wijken waar de sociaal-economisch lagere en lagere middenklasse woont. Wijken waar de woningcorporaties een groot deel van de woningen bezitten. Eén ding weten ze zeker. Zij worden straks geconfronteerd met de groep vluchtelingen die hoopt in Nederland een nieuw bestaan op te bouwen. Dit weten ze zo zeker omdat het al heel lang zo gaat. Waar overheden spreken over eerlijke verdeling wordt dit niet zo gevoeld in deze buurten. Want bij “die lui” ( lees de sociaal economische hogere midden en hogere klasse) komen echt geen woningen waar vluchtelingen wonen, is een door mij veelgehoorde opmerking.

Bij hen heerst het gevoel dat zij op vele fronten de rekeningen betalen van het wanbestuur van een elite. Een elite die over hun hoofden beslist.  Vaak wordt deze groep laatdunkend afgedaan als PVV stemmers met rechtse sentimenten.
Ja, er wordt erg ongenuanceerd gereageerd. Als ik doorvraag naar hun aversie tegen de vluchteling wordt langzaam maar zeker een zorg duidelijk. Een groep die voor hun gevoel al heel lang “onderuitgetrapt” wordt heeft nu een groep gevonden waar zij tegen aan kan trappen om hun leed kenbaar te maken. Dit is mijn vrije en totaal niet onderbouwde vertaling van wat ik hoor en zie.

Ik maak mij zorgen. Zorgen om de mensen in de wijken die het straks ongevraagd met elkaar moeten zien te rooien. Zorgen over de weinige aandacht die de overheid en instanties op de lange termijn hebben voor dit verhaal. Zorgen over de vele aandacht die dit probleem nu heeft maar onvermijdelijk naar de achtergrond verdwijnt als de politiek en ambtenarij over de volgende crises moeten buitelen.

Als dat laatste aan de hand is is de vluchteling, die tegen die tijd mag hopen dat hij duidelijkheid heeft over zijn status, druk geweest met taal en inburgeringscursussen. Pas dan komt de vuurdoop. Is hij goed genoeg ingeburgerd? Wordt hij geaccepteerd door de Nederlandse maatschappij? Wie of wat is die maatschappij dan eigenlijk. Staat de knuffelende Apeldoorner dan ook nog voor ze klaar. Of moeten ze maar zien hoe ze samen moeten leven in wijken die geen afspiegeling meer zijn van de Nederlandse maatschappij. Wijken waar “de Nederlander” het gevoel heeft dat hij steeds minder welkom is maar gedoemd is om te blijven.

Politici roepen om het hardst dat de eerste integratie mislukt is. Vele miljoenen worden geïnvesteerd in de wijken waar deze “mislukking” plaatsvindt. In mijn ogen symptoombestrijding van een probleem die niet per definitie ontstaan is in deze wijken.

Om over een aantal decennia niet voor eenzelfde uitdaging te moeten staan zou ik voor willen stellen om nu alvast op zoek te gaan naar een manier om te voorkomen dat deze “integratiegolf” ook gaat “mislukken” daar is namelijk niemand bij gebaat!

Ik denk dat het goed is om juist nu oog te hebben voor de zorgen die leven onder de bewoners van dit land die nu vol gevoel zitten dat zij de klappen op moeten vangen van deze vluchtelingencrisis. Zij vinden nu hun heil in het gedachtengoed van partijen als de PVV en worden daarmee afgeschilderd als een stel onnozels.  Ik denk niet dat deze groep onnozel is. Eveneens vraag ik mij vaak af of zij wel echt zo hard zijn als ze soms over komen in hun ongenuanceerde reacties.

In Deventer ben ik momenteel betrokken bij een dergelijke kwestie. Een buurt waar mensen, hard en ongenuanceerd, sceptisch zijn over de grote aantallen “niet westerse allochtonen” en de stroom vluchtelingen die in hun beleving nog komen gaat. Tot mijn verbazing uiten zelfs tweede en derde generatie arbeidsmigranten deze zorg. De buren deugen… zij zijn goede mensen. Zij hebben veel meegemaakt. Maar die mensen verderop die maken de wijk kapot. Iets wat ik terugkerend hoor.

Als ik deze mensen vertel over schrijnende voorbeelden van “buren” die ook gevlucht zijn worden de reacties anders. Er komen emoties los. Ineens is het minder makkelijk om snoeihard te schoppen tegen een groep die lager op de “schopladder” staat dan jij. Ineens wordt de toon anders. Er lijkt soms zelfs enige sympathie te ontstaan. En heel af en toe worden er beginnetjes van oplossingen aangedragen. Oplossingen waar zij zelf de bedenker van zijn. Oplossingen waar zij misschien wel de uitvoerders van kunnen worden. Oplossingen waarbij een enkeling zelfs hoopt dat daarmee de nieuwkomers in dit land samen met hun een echte toekomst op kunnen bouwen.

Ik hoop dat ik binnenkort samen met deze buurt kan bedenken hoe zij gezamenlijk kunnen zorgen voor het ‘samenleven’ in hun wijk. Waarbij het vooral van belang is dat zij allemaal hun invloed mogen hebben in dit verhaal!

De overheid en instanties, die moeten zorgen dat zij profiteren van dit soort initiatieven! Ik ben benieuwd of ze daar klaar voor zijn….

Meedoen of meekijken (2013)

De kans wordt steeds groter dat je gevraagd wordt mee te denken over het wel en wee in jouw buurt. Het kan zelfs zo gek worden dat ze je vragen om iets bij te dragen aan het wel en wee in jouw buurt. In het allerergste geval mag je zelfs bedenken wat goed is voor de buurt.

Dit laatste is een lastige want om dit te vragen is vertrouwen nodig. Van twee kanten wel te verstaan.

Als buurtbewoner wil je het gevoel hebben dat je serieus mee mag denken. Ergens knaagt misschien wel het nare gevoel dat dit een grap is. Dat gevoel is niet zo gek. Decennia lang is besloten wat goed is voor U, “de burger”. En nu mag je ineens volledig meedenken en meewerken aan alle vraagstukken die betrekking hebben op de buurt. Dat riekt naar onraad zal de eerste reactie zijn bij velen.

Jaren geleden was dat meedenken nog wel lekker veilig. Toen werd er veelvuldig gebruik gemaakt van kopgroepen of bewonerscommissies. Georganiseerde groepen bewoners die als spreekbuis fungeerden voor de rest van de buurt. Je kon daar redelijk veilig uw signaal of wens kwijt en hij werd al dan niet beantwoord of vervuld. Was de reactie niet naar wens dan konden we in ieder geval wijzen naar een ander die daar de schuld voor droeg. In de nasleep werden dan meestal heel wat vingers heen en weer gewezen.

Om jou meer te betrekken vraagt men nu om mee te doen!……… Mee doen??

Mee doen, ben je daar klaar voor of kijk je liever aan de zijlijn mee naar alles wat het toneel passeert. Het mooie van deze vraag is dat beide keuzes altijd goed zijn. Maar bedenk wel dat je deze keus in vol vertrouwen maakt. Datzelfde moet gelden voor degene die de vraag aan jou stelt. Zij moeten oprecht van plan zijn om je te betrekken en mogen enige moeite doen om je dat gevoel serieus te geven. Soms betekent dat dat er een keus gemaakt wordt waar niet iedereen het mee eens is maar daar moeten we met zijn allen mee leren leven. Op het moment dat er een wederzijds gevoel is om samen te werken dan is de kans van slagen het grootst.

Het is eigenlijk net een liefdesrelatie. Geef het een kans!

De tuin van de “boze” buurman (2012)

“Als die bal nog een keer in mijn tuin komt dan steek ik hem lek” wie is niet groot geworden met, deze gekuiste versie van, dergelijke conversaties. Elke straat kent zo’n buurman en elk buurkind schrikt zich in eerste instantie rot van zijn reacties. Tot hij een jaar of twaalf is en moedig genoeg wordt om in een vlaag van puberale onbenulligheid de buurman nog eens even flink over zijn toeren te krijgen. En schrik dan niet van het heftige taalgebruik richting deze buurman. Goed voorbeeld doet goed volgen zeggen we dan maar…

Waarom zegt die buurman zulke dingen. Is hij vergeten dat hij zelf ooit jong was en ook ballen in de tuin van zijn buurman schoot. Is hij er alleen maar op uit om kinderen te pesten, heeft hij een hekel aan kinderen of heeft hij misschien een hoger doel. Wanneer dat laatste aan de hand is zullen er zeer weinig buurmannen zijn die zich afvragen of de buurkinderen weten wat dat hogere doel kan zijn. Evenmin zullen er zeer weinig buurkinderen zijn die zich spontaan interesseren in het doel van de buurman. De scheldkanonnades en bedreigingen hebben de toon namelijk al gezet.

Dat hogere doel kan een trots zijn, een mooie tuin bijvoorbeeld. Hoe anders kunnen deze contacten zijn als de buurman de kinderen zijn trots laat zien. Bijvoorbeeld de mooie bloemen in tuin waar hij uren per week vol liefde en overgave aan werkt om ze zo mooi te houden. Als de buurkinderen weten dat de buurman liever geen bal in tuin heeft omdat dat zijn trots beschadigd gaan ze er misschien rekening mee houden. Laat de buurkinderen zien waarom u zo bang bent voor een bal in de tuin. Uw tuin mag immers gezien worden als hij er prachtig bij ligt. Deel deze trots. Leer kinderen wat u zo waardeert in uw tuin. Wie weet steken ze er nog iets van op.

Als kinderen doorhebben dat voetballen op een andere plek geen boze reacties oplevert zullen ze naar alle waarschijnlijkheid ook niet jaren later verhaal gaan halen. Wie weet willen deze kinderen later ook zo’n mooie tuin als hun buurman vroeger had.

Als dat laatste waarheid wordt krijgen we in de toekomst mogelijk te maken met kinderen die het waarschijnlijk gaan hebben over hun aardige buurman.

En tot die tijd zien wij een gelukkige buurman die volop kan genieten van zijn trots.

(2012)

De ziel van de buurt (2012)

In tijden van aandacht voor een buurt, zoals momenteel in Keizerslanden, start doorgaans een zoektocht  naar de ziel van een  buurt. Meestal zijn we in de veronderstelling dat deze ziel er pas gekomen is na het bouwen van een buurt. De mensen die er komen te wonen maken dat een buurt een bepaalde “mores” kent. In sommige gevallen draagt een groep nieuwe bewoners in een buurt een langere historie met zich mee. Een historie die zich in eerste instantie niet al te makkelijk laat lezen.

50 jaar geleden kreeg het Oranjekwartier als eerste bewoners een groep Molukkers als zijn bewoners. Na hun komst in deze buurt is de rest van Keizerslanden er om heen gebouwd, zo heb ik mij laten vertellen. Sommigen verhalen over hoe zij als klein jongetje speelden bij een leegstaande boerderij die plaats moest maken voor de uitbreiding van Keizerslanden. Hoe zij uitkeken over velden vol Korenbloemen. Of over de totstandkoming van hun kerk in hun buurt.

De Molukkers zijn blijven wonen in deze buurt en hebben voor een belangrijk deel de ziel van de buurt gemaakt. Soms met mooie en af en toe met minder mooie verhalen.

Afgelopen tijd is er aandacht geweest voor het feit dat deze groep 50 jaar in het Oranjekwartier woont en al 40 jaar actief is in de buurt met St. Masohi.

De kern van dit jubileum zijn verhalen. Verhalen die jongere generaties vertellen waar hun wortels liggen. Zowel de wortels in de Molukken als in het Oranjekwartier.

Verhalen zijn belangrijk. Ze hebben de afgelopen jaren mensen in het Oranjekwartier in contact gebracht. Kennis laten maken met elkaar.

Voor Molukkers zijn verhalen heel belangrijk. Oude verhalen worden moeiteloos opgelepeld door de derde generatie Molukkers in Nederland. Over hun opa’s en oma’s die naar Nederland kwamen en over de gewoontes op de Molukken. Evenwel verhalen zij naar vele gebeurtenissen in de buurt.

Door dit soort verhalen is de ziel van het Oranjekwartier gekleurd en leidt deze ziel zelfs naar de andere kant van de wereld.

Voor volgende generaties bewoners van het Oranjekwartier is het goed om weet te hebben van dit stukje ziel van de buurt.

Het jubileum stond in het teken van verbinding, verbinding van mensen onderling in het Oranjekwartier. Dit jubileum had in meerdere opzichten veel ingrediënten voor nieuwe verhalen.   

Hoeveel mooie verhalen zijn of komen er eigenlijk in jouw buurt? Ik zou zeggen draag ze over aan de volgende generatie opdat zij trots kunnen zijn op hun buurt.

(2012)

Het offer (2011)

Wijkvernieuwing,…vernieuwing…Offer

Heeft elke vernieuwing offers gekost? In mijn kleine wereldje wel. Als ik iets nieuws krijg moet ik bewust of onbewust een offer doen.

Bij de geboorte van mijn eerste kind moest ik mijn, tot dan toe zeer waardevolle, vrije leventje opofferen om mijn kind goed op te kunnen voeden.

In de wijkvernieuwing zie ik ook dat er geofferd wordt. En hoe!

Het vernieuwen van een wijk betekend voor een deel dat er huizen gesloopt worden. we zien het om ons heen gebeuren.

De huizen waren ooit het veilige onderkomen van gezinnen, families, …mensen. Niet alleen was het huis een mooie plek om je te weren tegen de felle zomerzon, najaarsstormen en winterse vrieskou. Hier gebeurde grootse dingen. Kinderen werden geboren en groeiden op. Mensen trouwden, scheidden of kwamen zelfs te overlijden. Allemaal ingrijpende gebeurtenissen die het huis een thuis maken. Een huis is dus een zeer belangrijk ding in het leven van de meesten onder ons.

Wanneer er bij wijkvernieuwingen woningen gesloopt worden om plaats te maken voor nieuwe woningen vragen we een aantal mensen om een offer te geven. Een moeilijke vraag!

Het roept veel emotie op. Je relatie met je huis komt in een flits voorbij. Dat is wat je op moet geven. Een grote zwarte wolk pakt zich boven je hoofd samen.

Dringen er door die wolk dan nog straaltjes zon? In eerste instantie niet.

Wanneer de boodschap is doorgedrongen, het gevoel is doorgedrongen dat zich een nieuwe episode in je leven opdringt komen er mogelijk weer zonnestraaltjes door het wolkenpak.

Nadenken op welke plek je je weer thuis wilt voelen. Welk huis past nou het best bij jouw emoties..In welk huis wil je lachen en huilen. Een moeilijke vraag met een al even moeilijk antwoord als je niet eens wil verhuizen.

Om deze reden wil ik dat iedereen zich realiseert dat om de wijk te vernieuwen er offers gebracht moeten worden. En als wij in 2030 door de wijk lopen en zien hoe mooi de wijk is opgeknapt moeten wij proberen te denken aan al die mensen die een groot offer hebben gebracht om vernieuwing tot stand te brengen.

(2011)

Zegt u het maar… (2010)

De verkiezingen zijn besloten! De spandoeken achtergelaten op het slagveld tussen de talloze verkiezingsbeloften, de champagneglazen hebben geklonken en de eerste koppen zijn waarschijnlijk al gesneld.

In de steden zijn net nieuwe colleges gevormd en de landelijke politiek is nu hevig in conclaaf om de minst bijtende coalitie te sluiten in de eerste kamer. Maar waar blijven wij. Koortsachtig proberen besturen en bewoners met elkaar in contact te komen. De mooiste kreten zijn verzonnen over hoe wij elkaar gaan ontmoeten. Het toverwoord lijkt participatie, ook wel zeggenschap. Met deze termen wekken we vertrouwen en transparantie. Ja deze termen worden bij de inhoud verzonnen! Omdat iemand moet bedenken hoe de kloof tussen burger en bestuur, die welhaast bijbelse proporties heeft aangenomen, gedicht gaat worden…

Zolang je van boven een kloof in kijkt ervaar je de angst voor de diepte!

Juist die diepte brengt misschien wel de oplossing voor het dichten van de kloof. Het lijkt onvoorstelbaar maar op grote diepten gebeuren hele mooie dingen. Daar bloeit leven,.. daar wordt geleefd door de allermooiste mechanismen. De Mooiste omdat ze daar niet verwacht worden.

Vanuit ons (systeem)denken zijn wij geneigd deze kloof van boven af te willen doorgronden. We willen hem opvullen.

Slechts enkelen durven de sprong in de kloof te maken en durven te kijken wat voor moois er bloeit op de bodem van de kloof.

In mijn werk ontdek ik op “de straat” steeds weer de mooiste initiatieven. Initiatieven waar jij als burger verantwoordelijkheid voor voelt, uitdaging in ziet, van opleeft. Het enige dat je af toe vraagt is een stuk medewerking van anderen. Hierin willen wij graag voorzien. Wij zoeken hiervoor de diepste haarvaten in buurt. Willen met jou in contact komen en komen ook met jou in contact. Wij proberen zo goed en zo kwaad als dat gaat samen met jou te kijken naar de mooie dingen die leven of willen ontplooien in jouw buurt.

Om vanaf de bodem van de kloof gehoord te worden aan de bovenste rand is toch verdomd lastig… de boodschap komt maar half aan of is door de echo’s helemaal niet verstaan.

Kon jij vanaf de bodem maar eens duidelijk maken wat je echt wil! Kunnen wij je daarbij helpen?

Zeg het maar!

(2010)

Hoe ziet u uw buurt eigenlijk? (2010)

Vanmorgen liep ik door de straat om mijn container aan de weg te zetten. Wat mij daarbij opviel was hoeveel troep mensen niet in hun container kwijt kunnen maar blijkbaar op straat laten liggen. Normaal kijk ik hier eigenlijk nooit naar.

Ik ben geneigd om de mooie dingen in de straat te zien. De eerste vogels die dringend op zoek zijn naar nestruimte, kinderen die met elkaar aan het bepalen zijn wie nu eigenlijk het best kan voetballen of de buurman die druk bezig is om zijn tuin klaar te maken voor een nieuw tuinseizoen. Deze blik bepaalt daarmee ook mijn beeld van de buurt waar ik leef.

Door mijn focus op de troep realiseerde ik mij ineens dat iedereen op een andere manier naar een buurt kijkt.

De “boze” buurman ziet waarschijnlijk heel andere dingen dan het pubermeisje in de straat die waarschijnlijk de buurt afspeurt naar mooie jongens. Zijn focus ligt op de zaken die juist niet goed gaan. Hij lijkt continu te zoeken naar de verantwoordelijke personen van alles wat in zijn ogen niet deugt aan de buurt.

Het pubermeisje zal waarschijnlijk alleen maar mooie zaken zien in haar buurt en dan hopelijk in de vorm van aantrekkelijke jongens of andere meiden waarmee ze deze zoektocht kan delen. Het liefst doen ze dit op straat en dat dan weer tot ergernis van de “boze” buurman, die op zijn beurt lijkt te vergeten dat hij zelf naar alle waarschijnlijkheid zijn meisje vroeger ook op straat heeft ontmoet.

Zouden deze mensen zich bewust zijn van het feit dat niet iedereen op deze manier kijkt naar zijn of haar buurt. Erger nog weten ze eigenlijk wel van elkaars bestaan.

Kunnen we elkaar meer waarderen als we eens door elkaars bril naar dezelfde buurt konden kijken.

Jongeren lijken hier al in te slagen en worden daarbij flink geholpen door het internet.

Daar kunnen zij naar hartenlust hun beeld op hun buurt maar ook op hun leven delen met de hele wereld. Ik wil geen oordeel geven over de inhoud van de filmpjes maar het geeft een beeld van de kijkwijze van de jongeren.

Kunnen wij iedereen deze kans bieden? Ik denk van wel!

Het zou een prachtig idee zijn om iedereen zijn eigen kijk op de buurt te laten delen met een groter publiek.

Wil je dit eens uitproberen dan beloof ik bij deze dat ik je daarbij ga helpen!

(2010)

De tussentijd (2010)

Ben jij je ervan bewust hoeveel tijd je doorbrengt in “de tussentijd”?

Ik moet straks boodschappen doen..in “de tussentijd” bel ik nog even met mijn vriendin.. Ik heb om 11.00 uur een vergadering en in “de tussentijd'”  mail ik nog even naar mijn klant..

Zoals je ziet kan “de tussentijd” erg nuttig besteed worden en is het een tijd die met grote regelmaat aanbreekt. Ik verbaas mij erover hoe veel ik deze tijd een nuttige invulling weet te geven met dingen waar ik zonder tussentijd waarschijnlijk helemaal geen tijd voor gemaakt zou hebben.

In een stad is ook erg veel tussentijd. En in Deventer zeker. In Keizerslanden worden plannen gemaakt om woningen te slopen …. in de binnenstad zijn plannen om een nieuw stadskantoor te bouwen. op het terrrein van de oude ijsbaan worden ooit woontorens gebouwd en in de tussentijd….

In de stad is dus ook een heleboel tussentijd. Gek genoeg wordt er weinig nagedacht over hoe die tussentijd met enig nut opgevuld kan worden. De oude ijsbaan bijvoorbeeld. De ijsbaan zelf is sinds mensenheugenis al uit het beeld. Alleen vage verhalen zijn nog bekend over het gebouw en de wedstrijden die daar gereden werden. Ik hoor zelfs verhalen over motoren die daar met spijkers in de banden races reden op het ijs. Nu decennia later wordt er misschien iets moois ontwikkeld op deze plek. In die tussentijd had ik wel 100 dingen kunnen bedenken die een nuttige invulling konden geven aan dat terrein. Toch bleef dit initiatief van alle kanten uit. De burgers kijken naar het bestuur en laten zich beknoppen door mogelijke regels die belemmeren dat daar in de tussentijds iets moois had kunnen ontstaan. Het bestuur aan de andere kant heeft waarschijnlijk geen enkel nut gezien in het createf gebruik t.b.v. de stad en haar bewoners. Hier is dus werk te doen!

Er zijn plekken in Nederland bekend waar burgerlijke ongehoorzaamheid in wordt gezet om de meest mooie ideeen uit te voeren op terreinen die zich ogenschijnlijk nutteloos manifesteren in “de tussentijd”.

Ik denk dat  Deventer er rijp voor is om daar verandering in aan te brengen. Niet dat ik nu direct oproep om een burgerlijke ongehoorzaamheid te tonen. Ik vraag heel deventer om samen te kijken naar een nuttig en creatief gebruik van die terrreinen in de stad die verkeren in ..jawel ..”de tussentijd”! Je zal hier zeker nog meer van gaan horen omdat ik ervan overtuigd ben dat “de tussentijd”, ook in Deventer, een hele mooie tijd kan zijn!

(2010)

De vruchten van Keizerslanden (2009)

“Geen enkele bloesem zag ooit zijn eigen vrucht”… opgetekend door Adriaan Nette, de kunstenaar die al jaren werkzaam is in het Landsherenkwartier, de buurt in Keizerslanden waar veel gesloopt en weer nieuw gebouwd wordt. Samen met de bewoners uit dit deel van de buurt heeft hij vele verhalen gemaakt van een buurt die door de jaren heen sterk verandert. Zichtbare en onzichtbare veranderingen. Om al deze veranderingen te bewerkstelligen is veel werk verzet. Werk door de bewoners van de buurt. Werk door vakmensen. Vele vakmensen die zich ten doel hebben gesteld om Keizerslanden te vernieuwen. En Keizerslanden vernieuwt in vele vormen.

Het meest zichtbaar zijn de flats die gesloopt worden en de nieuwe huizen die ervoor teruggebouwd worden. Een winkelcentrum waar aan gewerkt wordt. Scholen die gemaakt zijn en de vele voorzieningen die ontstaan zijn in de afgelopen jaren. Denkt u bijvoorbeeld aan een Cruijfcourt. Je mag het mooi vinden of niet maar het is wel zichtbaar. Voor dit allemaal afgerond is zult je nog enig geduld moeten opbrengen.

Minder zichtbaar is de vernieuwing die de mensen doormaken die gewoon blijven wonen in de woning waar ze altijd al gewoond hebben. Het leven leiden dat ze altijd geleefd hebben maar waar mogelijk wel het een en ander veranderd is.

Veranderingen in de zin van kansen die zijn gecreëerd, ervaringen die zijn opgedaan, contacten die zijn gelegd, samenwerkingen die zijn ontstaan, problemen die bespreekbaar zijn gemaakt, activiteiten die zijn ontplooid, trots die zich heeft ontwikkeld, ergernis die zich heeft voorgedaan. Vele onzichtbare veranderingen waar heel hard aan gewerkt is. Vooral door de bewoners van Keizerslanden. Ondersteund door een klein betrokken leger van mensen die met veel plezier in de wijk aan het werk zijn.

Zichtbaar of minder zichtbaar, er wordt nog steeds hard gewerkt in Keizerslanden. In 2005 is alles begonnen en in 2015 zou het werk af moeten zijn. Dat geeft te denken.. is een wijk ooit af?

In ieder geval is het te hopen dat de kracht die Keizerslanden heeft laten zien tot in de eeuwigheid op het huidige niveau blijft. Dat zijn de vruchten die de buurt mag oogsten en ik hoop dat ze heerlijk zoet zijn.

(2009)

Initiatief! (2009)

Iedereen neemt initiatieven..vraag is alleen wanneer en voor wie doe je dat!

Het overgrote deel van de initiatieven die we nemen zijn ten behoeve van ons zelf.

We zijn ook vooral druk met onszelf.. wanneer heb je voor het laats iets voor je omgeving betekend.

Er zijn zonderlingen die daar een levenswerk van hebben gemaakt en een groot deel van hun leven in het teken van anderen stellen. Zij lijken de ruggengraat van de vrijwilligers die veelal in clubverband (als voetbalclubs en buurtcommissies) actief zijn voor hun club. Zonderlingen zijn het omdat ze steeds minder voorkomen.
De rest is namelijk zo druk met zijn eigen initiatieven dat er bijna geen tijd meer over is om wat voor een ander te betekenen.

Op de straat wordt dit opgemerkt. Vele studies zijn er gedaan naar de oorzaak van de verminderde betrokkenheid op onze leefomgeving. Vele oorzaken worden hiervoor aangedragen. Vermindering of centralisatie van buurtfuncties is er één. Vroeger zat je op school in de buurt waar je woonde, werd je opgehaald door je moeder die tijdens het wachten op het schoolplein met de buren sprak. We deden de boodschappen in de buurtsuper en hielpen daar de buurvrouw met het sjouwen van haar boodschappen.

Als kind hielp ik mijn moeder met het schoonmaken van het trappenhuis. Als er dan bij iemand troep voor de deur lag sprak je de persoon daar op aan. Op meerdere momenten van de dag was er contact met de buurt.

Waarschijnlijk waren er toen minder vragen over betrokkenheid in de buurt.

Initiatieven voor anderen hoeven helemaal niet veel tijd en energie te kosten. Veeg jij jouw stoepje, probeer dan eens te vragen of jouw buurman je helpt. Misschien willen de buurtkinderen ook wel helpen. Je weet maar nooit.

Ik heb met de kinderen bij mij uit de straat vruchtafval geruimd van fruitbomen. We vonden ook heel veel hazelnoten en daar hebben we hazelnootpasta van gemaakt. Een superervaring voor de kinderen en we hebben op een leuke manier contact met elkaar gehad. De straat zag er ook nog mooi uit. Een initiatief dat ter plekke ontstaan is. Dit doe ik al een paar jaar. We ruimen blad, bloesem en vuurwerkresten. De winst is dat de kinderen al langere tijd bereid zijn om iets voor de buurt te betekenen. Ze zijn zelfs trots om iets voor de straat te doen.

Bij ingewikkelde initiatieven kun je hulp inroepen via, bijvoorbeeld, de wijkaanpak.

Maar ik wil je graag uitdagen om eens een klein initiatief te nemen voor jouw eigen omgeving. Gewoon even voelen hoe dat is.

Ik hoor graag van je terug!

(2009)

Kunst…omdat het moet! (2009)

Via “twitter” meen ik te lezen dat Keizerslanden in zijn maag zit met een kunstwerk.

Even tussen u en mij…Twitter is een nieuwerwetse vorm van communiceren die onder dertigers gebruikt wordt om elkaar te vertellen hoe heerlijk ze op de bank zitten met een bordje ravioli. Vraag mij niet waarom maar het is helemaal “te gek”.

Er zijn echter een paar “twitters” de moeite waard omdat ze informatief zijn en voorzien van enige inhoud. Eén daarvan is de Keizerslanden Twitter.. maar daar zal ik u niet verder mee vermoeien.

Het kunstwerk aan de flat hoek Lebuïnuslaan en Jan van Arkelstraat moet verwijderd worden omdat de flat gesloopt gaat worden. Nu rijst blijkbaar de vraag waar men met dat kunstwerk heen moet.

Enige studie leert mij dat het hier om een typische jaren zestig kunstuiting gaat, gemaakt door wijlen George van de Wagt, waarbij naar mijn idee “schoonheid” enigszins uit het oog verloren is. Maar goed ik ben een ware graffiti minnende kunstbarbaar.

Zijn stijl is zeer herkenbaar voor velen. Dat is niet gek als je bedenkt dat hij veel werk voor diverse overheidsgebouwen heeft geproduceerd. Elke zichzelf respecterende stad heeft minstens een aantal werken van George in de openbare ruimte staan.

Sinds ik een jaar of vijf was kom ik met enige regelmaat langs dit beeld en met diezelfde regelmaat vroeg ik mij af wat het voorstelde. Blijkbaar was ik toch elke keer bezig met dit beeld.

Ik hoor om mij heen diverse reacties over dit beeld. De één vindt het een potsierlijk stuk en de ander loopt er helemaal bij te kwijlen.

Maar wat moeten we nu met deze ózo typische 60-er jaren uiting van kunst…is het tijd dat we iets nieuws zien in ons straatbeeld of moeten wij deze uiting bewaren om ook onze kinderen zich jarenlang af laten vragen waar zij naar kijken.

In de Groninger wijk Lewenborg is een George van der Wagt gered. Hij heeft een prominente plek gekregen in een nieuw gebouw. Om weer voor jaren voorbijgangers te plezieren.

Het zou mij zo leuk lijken als wij zo’n kunstwerk meegeven voor de mensen in 2214. Als zij dan het Landsherenkwartier gaan slopen, omdat die woningen echt niet meer van die tijd zijn. Als de stadsarcheologen dan opgravingen doen op zoek naar oudheden ,vinden ze ineens dat goede oude werk van George van derWagt… dat was tenminste nog eens Kunst.

Of toch niet.

(2009)

Projecten



Contact



Buurtkoraal


Martijn Willems

Mail


willems@buurtkoraal.nl

Telefoon


+31 6 485 816 58

Linkedin


Martijn Willems